Over Schanulleke

Noem me geen popje! Popjes kijken geen koers. Ik wel.

Fucking Ferrari

Allee, ik wéét het. Eigenlijk zou ik hem moeten verfoeien.

Ferrari. Roberto Ferrari. Amai, wat reed hij onze lieveling Cav lomp onderuit, in de derde etappe van de Giro. Dat behoort een wielrenner niet te doen. In één enkele beweging maakte Roberto zich tot het enfant terrible van het Giro-peloton.

En vandaag. Och vandaag. Met een fietslengte voorsprong pakte hij de winst in de nauwe straatjes van Montecatini Terme. Darling Cav stond niet eens op de foto. Onze wereldkampioen onderuit maaien en vervolgens zo declasseren: een oneerbiediger optreden is nog nooit vertoond.

Nee, dacht ik, met mijn handen voor mijn ogen naar de aankomst kijkend. Nee! Niet fucking Ferrari, wééral! Laat dat stuk stronzo alsjeblieft onder het smeltende asfalt verdwijnen, en rap! Intussen bolde Ferrari over de meet, zijn armen in de lucht, de vuisten gebald, juichend met open mond.

De camera zoomde in. Ik zag een baardje. En och, u weet: ik ben een sucker voor baardjes. Ik kwijl van woeste kaken. Roberto kneep in zijn remmen, lachte zijn prachtige rij tanden bloot en ik gleed van de sofa. Verkocht. Volledig.

Foto: Tour de TaiwanFoto: Tour de Taiwan

Die schitterende bruine ogen, die eindeloze wimpers, die bos weelderige krullen onder zijn helm.

Dus ja. Ik weet het goed gemaakt. Stuur dat lekkertje maar naar mij. Nee, ik ben niet te beroerd de Giro van Ferrari te verlossen. Zo ben ik. Ik laat geen wielerfan in de kou staan. En renners met baardjes om van te smullen al helemaal niet.

Sandwichen met de Hennies

Amai, meiskes, let op! Er is een komisch duo opgestaan in het peloton. Het zijn niet de twee knapste renners, daar moet ik eerlijk over zijn, maar ze zijn zo grappig. En humor is ook aantrekkelijk. Hoogst aantrekkelijk, vind ik.

Adam Hansen en Greg Henderson. De twee dudes from Down Under rijden dit jaar samen bij Lotto Belisol en dat zullen we weten. Ik noem ze inmiddels al de Hennies.

Onafscheidelijk zijn ze, vooral op twitter. Ik sandwich mezelf er – vooralsnog enkel virtueel – graag tussenin, maar rol er van het lachen even snel weer tussenuit.

De hitte in Qatar en Oman deed hen duidelijk goed: de Hennies voerden een waar cabaretstuk op.

En daar hoorde deze foto bij. Dat liet Greg natuurlijk niet op zich zitten.

Klik je nu op deze foto, dan blijkt hij verdwenen. Dat is niet zo heel gek, als je weet wat er te zien was. Ik heb hem bekeken. Amai! Het ging om een heel gek plaatje, geloof mij maar. Yoga met je hoofd in je kont. Zoiets.

En nu, tijdens Parijs-Nice, gaan de Hennies vrolijk verder. Ik doe het in mijn broek.

Wat voor smoeltje krijgen we dan te zien? Juist!

Ach. Greg had het kunnen weten: Adam is natuurlijk net zo handig met de computer.

Tussen deze regelrechte photobattle door schrijven de Hennies ieder uur dat ze niet op de fiets zitten gerust ook nog een stuk of wat ‘alledaagse’ tweetjes aan elkaar.

Och, wat zou ik graag weten hoe het er in de eerste uren van een koers aan toe gaat met deze twee best buddies in één team. En allee, ik kan enkel raden hoe mijn over het algemeen toch wat teergevoelige landgenoten reageren op hun platvloerse Outback Jack boeren- en schetenhumor.

Ze kunnen me nog meer vertellen. Greg Henderson en Adam Hansen wielrenners? Nee zeg. Het zijn gewoon twee clowns, verkleed in lycra pakskes.

Christophe, mon chéri

Amai, Christophe. Mon chéri. Had het me toch gezegd. Dan had ik boven, in de sneeuw, op jou staan wachten met een bidonneke warme thee.


Hoe lang het ook had geduurd (want jouw machtige dijen moesten natuurlijk vanuit elke denkbare hoek gefilmd, dus je bent God weet hoe vaak die berg op gefietst), hoe koud mijn voeten ook waren geworden, ik had gewacht. Ik had je fiets aangenomen. Ik had de zweetdruppels teder van jouw prachtige kaken gewist. En dan hadden we om beurten kleine slokjes genomen van mijn hete thee. Met suiker.

Misschien had je me uit dankbaarheid wel even teder aangekeken met die doordringende slaapkamerogen van je. Met je heerlijke lippen intussen een heel klein eindje van elkaar, zoals je zo vaak kijkt, alsof je elke seconde klaar bent om te kussen. Mij te kussen, daar boven in de sneeuw. Dan zouden mijn koude voeten plotsklaps in vuur en vlam staan. O ja. En niet alleen mijn voeten, chéri.

Allee, ik vind het ook zeer plezant om keer op keer je strakke kontje en je explosieve dijen te bestuderen. Ik heb dit filmpje al zo vaak afgespeeld dat ik met mijn ogen dicht zou kunnen aanraken aanwijzen hoe jouw spierbundels lopen. Maar de volgende keer waarschuw je even als je gaat, oui? Desnoods sta ik een hele dag op de top van een berg. Ik doe het graag, enkel om jouw zweetdruppels weg te wissen. En je dijen aan te raken, waarna we onvermijdelijk de sneeuw doen smelten samen.

De wenkbrauwen van Nielske

Amai wat ben ik blij! De man met de mooiste wenkbrauwen van heel de cross zit weer op zijn fiets; het trapeziumbeentje in zijn pols is geheeld. In de glibberdrek van Namen werd mijn pluizebolleke Niels Albert meteen maar weer eventjes tweede. De held.

Ja ja, Zdenek Stybar is mijn favoriete geweldenaar: robuust en stoer. Hij is maar voor één ding gebouwd: keihard rammen op een fiets. Maar Niels… Niels is van een heel andere orde. Hij had net zo goed filmster kunnen zijn. Of fotomodel. Of de man naast wie ik deze kerst op een berenvel bij het haardvuur zou liggen. Ik zou mijn handen niet uit zijn pluizig kapsel kunnen houden en zijn haren nog meer in de war strijken. En dan zou ik…

Allee, gedraag je, Schanulleke!

Oké oké. Ik bedoel natuurlijk gewoon dat Niels zo’n schone man is dat alles hem mooi staat. Een pilotenbril staat hem fantastisch. Zijn hand bij zijn kin is zo sexy. Die kaaklijn met stoppeltjes is om op te vreten. Modderspatters over heel zijn lijf, hij wordt er alleen maar aantrekkelijker van. Een Westmalle Tripel staat hem wonderschoon. Een jaren tachtig-matje mét geblondeerde plukjes dat de meeste mannen zou sieren als een vlag op een modderschip, Niels kan het hebben. Zelfs de botstimulator die zijn pols sneller heeft doen helen staat hem goed.

Het geheim zit ‘m – ik zei het al – in de wenkbrauwen. Die zijn zo prachtig. Twee verbaasde boogjes, waardoor Niels altijd onschuldig lijkt te kijken. Zo schattig. En aandoenlijk. Wie zou hem niet langs zijn stoere stoppels willen strelen als hij je zo aankijkt? Ai ik smelt…

Lieve Niels, alle geruchten over jou, ze deren mij niet. Laat je het weten als je ruimte hebt voor een elfde minnares?

De woeste kaken van Thijs Al

Amai, wat is het toch jammer dat Thijs Al de laatste tijd niet wat vaker in beeld komt tijdens de crossen. Hij rijdt iets te ver achteraan om interessant te zijn voor de camera’s.

Zo zonde! Want Thijs heeft tegenwoordig een van de lekkerste bekkies van alle crossers. Niet die gladgeschoren kaken die we zo goed van hem kennen. Nee, Thijs heeft tegenwoordig een bekkie met baard! Daar kan ik maar één ding op zeggen: MIAUW!

Thijs was altijd wel, laten we zeggen, interessant. Maar ik vond hem toch een beetje een melkmuil met zijn babyzachte huidje. Maar nu! Met dat kleine baardje is hij plots geen knaapje meer, maar een man. Een ruige, woest aantrekkelijke man die je het liefst zijn snelpak zo rap mogelijk van de schouders zou trekken. Om vervolgens jouw zachte wang tegen die sexy stoppels aan te drukken. En dan… Allee. Dat ga ik niet opschrijven hoor.

Wat een paar baardharen al niet kunnen doen voor de sexyness van een man. Ik sta er werkelijk van te kijken. Lieve Thijs, wil je van je wangen alsjeblieft nooit meer een glad perzikhuidje maken? En, verzoek ik je vriendelijk doch dringend: ga nu eens wat harder rijden. Want wij willen jouw woeste kaken echt vaker op antenne bewonderen. Ze verdienen het. En jij ook.

Go Jo!

Amai meiskes, hebben jullie de film Il Lombardia al gezien? Nee? Gaat dat dan heel snel doen! Schitterende beelden van sexy Johnny, snoepje van de week Karsten en toyboy Robert de allermooiste najaarskoers, een huilende Paulo Bettini (de tranen biggelen mij elke keer weer over de wangen als ik die beelden zie) en tot mijn verrassing een werkelijk bloedlekkere Jo de Roo.

Wie? Jo de Roo. Da’s niet zomaar een renner. Nee, hij is de enige Nederlander die de Ronde van Lombardije twee keer won. In 1962 en 1963. Toen de wegen nog veel slechter waren en de Ronde onnoemelijk veel zwaarder. Maar genoeg nu over de koers. Terug naar Jo.

Allee, ik weet het, Jo de Roo is inmiddels een oude man. Maar kijk toch eens naar die oude foto’s en vooral naar de heerlijke historische beelden in Il Lombardia! Wat een schitterende kop! Geen wonder dat de rondemissen met lijm aan hem vast geplakt leken. En dan dat krachtige lichaam eronder, sterk als een os. Zo worden ze niet meer gemaakt, de renners, tegenwoordig. Nee, het zijn enkel iele mannetjes wat de klok slaat. Spijtig.

Och. Was ik maar vijftig jaar ouder. Ik had het wel geweten.

De koning van de modder

Amai, wat kan ik toch genieten van de cross. Hoe meer blubber, hoe beter. Want door blubber wordt de cross zwaar. En door een zware cross onderscheiden de echte mannen zich van de jochies. Echte mannen met spetters op hun gezicht, smeer op hun gespierde dijen en hun truitje liefst een stukje open geritst omdat ze het zo heet krijgen van de cross. Daar krijg ik het dan weer heet van.

Zdeněk Štybar! Van hem word ik gloeiend heet. Natuurlijk loop ik ook wel warm voor Sven Nys, Kevin Pauwels en Niels Albert. Maar ik moet toch zeggen: geen van hen heeft zoveel rauwe mannelijkheid als Zdeněk. In combinatie met dat zoete Vlaamse accent, een beetje hoekig door zijn Tsjechische roots, kun je mij opvegen hoor. En dan heb ik het nog niet eens over die prachtige ogen, dat schattig scheefgezakte helmpje na diepe inspanning, die indrukwekkend kaaklijn, het pure geluk op zijn gezicht als hij wint en die sexy accentjes boven de letters van zijn naam. Zo exotisch!

Onlangs twitterde hij nog: How do you like this picture?

Hoe schoon ik die foto vind, Zdeněk? Onbeschrijflijk schoon! Ik kan er uren naar kijken. Naar die opbollende spieren vlak boven je knieën. Naar je witte wereldkampioenstenue dat je – eerlijk is eerlijk – nog beter staat als het zwart bespat is. Naar je geconcentreerde gezicht – o lala! Wat zijn mannen toch sexy als ze helemaal opgaan in dat wat ze het liefste doen.

Zdeněk is nog niet in topvorm. Maar let op mijn woorden: de dagen van zijn onoverwinnelijkheid in het veld breken binnenkort aan. Dan zal hij weer regeren, als de koning van de modder. Op het hoogste treetje van het podium. Zoals het hoort.

De eenheid van man en fiets is van zo’n bovenaardse schoonheid dat het geen wonder mag heten dat je boven de grond zweeft, Zdeněk. Ik kan je wel vertellen: als ik naar deze foto kijk ga ik ook zweven. En ik durf het best toe te geven: mijn hoogtepunt ligt nog wel een paar metertjes hoger dan het jouwe.