De wenkbrauwen van Nielske

Amai wat ben ik blij! De man met de mooiste wenkbrauwen van heel de cross zit weer op zijn fiets; het trapeziumbeentje in zijn pols is geheeld. In de glibberdrek van Namen werd mijn pluizebolleke Niels Albert meteen maar weer eventjes tweede. De held.

Ja ja, Zdenek Stybar is mijn favoriete geweldenaar: robuust en stoer. Hij is maar voor één ding gebouwd: keihard rammen op een fiets. Maar Niels… Niels is van een heel andere orde. Hij had net zo goed filmster kunnen zijn. Of fotomodel. Of de man naast wie ik deze kerst op een berenvel bij het haardvuur zou liggen. Ik zou mijn handen niet uit zijn pluizig kapsel kunnen houden en zijn haren nog meer in de war strijken. En dan zou ik…

Allee, gedraag je, Schanulleke!

Oké oké. Ik bedoel natuurlijk gewoon dat Niels zo’n schone man is dat alles hem mooi staat. Een pilotenbril staat hem fantastisch. Zijn hand bij zijn kin is zo sexy. Die kaaklijn met stoppeltjes is om op te vreten. Modderspatters over heel zijn lijf, hij wordt er alleen maar aantrekkelijker van. Een Westmalle Tripel staat hem wonderschoon. Een jaren tachtig-matje mét geblondeerde plukjes dat de meeste mannen zou sieren als een vlag op een modderschip, Niels kan het hebben. Zelfs de botstimulator die zijn pols sneller heeft doen helen staat hem goed.

Het geheim zit ‘m – ik zei het al – in de wenkbrauwen. Die zijn zo prachtig. Twee verbaasde boogjes, waardoor Niels altijd onschuldig lijkt te kijken. Zo schattig. En aandoenlijk. Wie zou hem niet langs zijn stoere stoppels willen strelen als hij je zo aankijkt? Ai ik smelt…

Lieve Niels, alle geruchten over jou, ze deren mij niet. Laat je het weten als je ruimte hebt voor een elfde minnares?

Advertenties

My my my my Matteo

Come a little closer huh, oh will you huh. Close enough to look in your eyes, Matteo. Ma Ma Ma My Matteo…

O dear. Look at him. Kijk toch eens schatten! Flaviana is verliefd. Hoe zeggen jullie dat? Flieft? Smmmmoorverliefd? Whatever. Ik ben het. Ik weet dat jullie bij Vacansoleil allereerst aan Johnny denken. Of aan Kenny. Of aan Rrrrruigh.. rrrrr. En zo hoort het ook. Maar ik kan niet meer slapen van Matteo. Van alle 1 meter 88 van Matteo. Matteo Carrara uit Alzano Lombardo.  Al sinds hij de Ronde van Luxembourg won in 2010, lig ik wakker. Ik zie het podium, en denk: Fränk? Lance? Who cares? Monsieur Carrara in het midden, ik wil het!

Ik wil met hem naar huis, naar Lombardije, en dan achter die kapel van die Ghisallo in zijn allemachtig prachtige blauwe ogen staren. Ik weet zeker dat je de Madonna zèlf ziet als je lang genoeg kijkt, è vero! En als ik uitgestaard ben lievelings, als ik verdronken ben in die ogen, wil ik mijn handen door het haar van Matteo woelen, de hele lange, zwoele Lombardische herfst lang. Zijn haar ziet er uit alsof hij net uit bed komt, en ik kan er niets aan doen, maar zo stel ik het me dus ook voor. Net uit bed. Of ín bed. Of er op. Er achter desnoods. Mamma mia, zou het kunnen, met Mister Carrara op vakantie naar de soleil? La Basso zou er voor zorgen dat hij nooit meer zo droevig hoeft te kijken, prometto!

Lieve Matteo, ik denk aan je. Als jij nou hard traint deze winter, sta ik volgend jaar bij de finish. Een warme Flaviana met een koud drankje. Voor jou. Deal?

F.

Boem boem boom!

Een superman. Dat is Lars Boom darlings, een superman. Grande, forte, molto zexy en al hondermiljoenmiljard keer wereldkampioen geworden. Minstens. Nu ja, heel vaak. Bij de junioren, bij de beloften, de elite, op de weg, in het veld, bij het tijdrijden. Lars ìs de regenboogtrui. En hij is nog maar 25! Afgelopen februari versloeg hij Fabuloso in de proloog van de Ronde van Quatar en deze zomer won hij twee etappes èn het eindklassement van de Tour of Britain. Nice!

Flaviana is dol op Il Boom. Hij is zo Nederlands! Dat hebben wij hier niet hoor, zulke mannen. Die blauwe, soms zo stuurs kijkende ogen, zijn heerlijke blonde haren, vroeger lang, tegenwoordig kort. En dan die prachtige, eindeloze benen! Ruim één meter negentig aan Hollandse hotness, mamma mia! Dan mag Thor een blonde Noorse dondergod zijn, jij bent de enige echte blonde Poldergod. En het állermooist vindt La Basso je als je die cyclocross rijdt schat. Echte mannen schrikken niet van kou, regen en modder. Die genieten juist van het afzien, gooien hun fiets over hun schouder en zwoegen door. En niemand ziet er zo lekker uit na al dat zwoegen als jij Lars. Gelukkig ga je ook deze winter weer veldrijden. En hopelijk gaat het dan regenen, heel hard regenen, zodat Flaviana weer kan dromen van de modder op die dijen. De dijen van Boem Boem Boom.

F.